Mogelijke oorzaken en gevolgen

Candida schimmels heeft iedereen in zijn darmen, maar het mogen er niet te veel worden. Als er te veel zijn spreekt men van een candida infectie. Een candida infectie wordt veroorzaakt door een verstoorde darmflora of een verzwakt immuunsysteem (of beiden) waardoor in de darmen een milieu ontstaat waarin deze schimmel zich snel kan vermenigvuldigen. De oorzaak van een verstoorde darmflora moet gezocht worden in herhaald gebruik van antibioticum en maagzuurremmers of andere geneesmiddelen die de spijsvertering negatief beïnvloeden, een verkeerde voeding bijvoorbeeld tijdens een dieet, of een periode van langdurige stress. Een candida infectie kan klachten veroorzaken zoals, diarree, buikpijn, ernstige vermoeidheid, psychische problemen en een verdere verzwakking van het immuunsysteem waardoor slijmvliesgeoriënteerde aandoeningen zoals een vaginale schimmel infectie, psoriasis, astma en sinusitis kunnen ontstaan.

Alle artikelen en behandelingsprotocollen zijn volgens het zelfzorg principe geschreven. Bij zelfzorg is niet de arts of specialist maar de patiënt verantwoordelijk voor het correct uitvoeren van de behandeling. Toch adviseer ik patiënten om bij gezondheidsklachten eerst een arts te raadplegen. Een juiste diagnose is ook bij een zelfzorgtraject van onschatbare waarde. Als u reeds onder behandeling bent van een arts overleg dan met uw arts voordat u voedingssupplementen gaat gebruiken.

Copyright © 2007 - pilliewillie.nl

Darm met candida infectie

Behandelingsadvies bij een candida infectie

Vraag via het elektronisch spreekuur een advies over de behandeling van een candida infectie aan. Dit advies wordt gebaseerd op de resultaten van een ontlastingonderzoek Aan het ontlastingonderzoek zijn kosten verbonden. U kunt dit ontlastingonderzoek ook als 'second opinion' of als controle op de voortgang van een candida behandeling bij een andere therapeut gebruiken.

Wat is een candida infectie?

Wat is een candida schimmel?

Candida is een schimmel. Schimmels lijken op planten maar bezitten geen chlorofyl en kunnen daarom niet m.b.v. fotosynthese uit kooldioxide, water en zonlicht chemische energie maken. Schimmels hebben een ander metabolisme dat geen licht nodig heeft, ze kunnen hierdoor bij uitstek op donkere plaatsen leven. Schimmels leven hoofdzakelijk van afval, het zijn een soort van recyclingspecialisten.

In totaal bestaan er meer dan 100.000 verschillende soorten schimmels, ongeveer 100 van die schimmels zijn in staat om op of in de mens te leven. Drie schimmelgroepen kunnen voor de mens zeer schadelijk zijn, Candida Albicans is daar een van.

Schimmels zijn taaie rakkers. Sommige hebben een opmerkelijke overlevingsstrategie ontwikkeld. Zodra er onvoldoende voedingsstoffen aanwezig zijn, ontdoen deze schimmels zich voor een groot deel van hun cel massa en vormen zo een spoor waarvan is gebleken dat ze tientallen jaren en mogelijk duizenden jaren kunnen overleven. De "vloek van de farao" is hier een goed voorbeeld van. Toen het onderzoeksteam onder leiding van Lord Carnavan in 1922 het graf van Toetanchamon opende, veroorzaakte het binnen dringen van frisse lucht en het verplaatsen van voorwerpen wolken schimmelsporen die duizenden jaren inactief waren geweest. Deze sporen werden ingeademd waardoor er in enkele dagen in totaal 27 mensen stierven. Het is niet duidelijk of de tempelbouwers deze schimmels met opzet in de grafkamers hebben aangebracht of dat ze er spontaan waren gegroeid.

Candida infectie in de darmen

Candida schimmels heeft iedereen in zijn darmen, maar het mogen er niet te veel worden. Als er te veel zijn spreekt men van een candida infectie. Normaal gesproken krijgt Candida geen kans. In de darmen is er voor Candida eenvoudig geen plek om te groeien doordat het darmoppervlak volledig wordt bevolkt door "gezonde" bacteriën. Candida houdt ook niet van een al te zure omgeving (lage pH waarde) en heeft voldoende voedsel (suiker, koolhydraten) nodig om te kunnen groeien.
Ontdekking antibioticum
5-stappenplan
Sir Alexander Fleming ontdekte in 1928 dat een schimmel m.b.v. van een gifstof darmbacteriën te lijf ging. Fleming was in staat de schimmel te isoleren en noemde hem Penicillium. De penicilline en daarmee antibiotica waren hiermee ontdekt. Antibiotica zijn de vrienden van de Candida. De Candida hoeft nu niet meer met eigen gif darmbacteriën te doden om ruimte te maken, wij doen dat, met antibiotica, wel voor hem!!
 

Maar de kansen kunnen zicht ten gunste van de candida keren. Een hoge consumptie van suiker en geraffineerde koolhydraten is bijvoorbeeld een goede manier om candida snel in aantal te laten toenemen. Als je vaak geneesmiddelen zoals antibioticum gebruikt worden de gezonde bacteriën in de darm gedood en komt er plek vrij voor de candida schimmel. Als een candida infectie eenmaal vaste voet gekregen heeft in de darmen dan produceert de candida schimmel toxines (antibioticum) om darmbacteriën te doden zodat de schimmel verder kan groeien. Als je daarnaast nog een drukke baan hebt, veel stress en weinig tijd vrijmaakt voor gezonde voeding zijn alle ingrediënten aanwezig voor het ontwikkelen van een candida infectie.

Of iemand klachten ontwikkelt die horen bij een candida infectie is zeer persoonlijk. De een heeft een candida sterkte II en is bijna arbeidsongeschikt een ander sterkte III en merkt er nauwelijks iets van. Dat hangt o.a. af van de virulentie (agressiviteit) van de schimmel. Ik weet niet of het u opvrolijkt maar u bent niet de enige die last heeft van Candida; voorzichtige schattingen geven aan dat bij 1:4 mensen sprake is van een Candida infectie

Candida Albicans is bij de mens de meest voorkomende ziekte verwekkende schimmel infectie en kan voor mensen met een verzwakt immuunsysteem (AIDS, kanker, chemotherapie patiënten) dodelijk zijn. Candida kan bijna overal schade aanrichten: op de huid, in haren, aan nagels, in slijmvliezen, in de mond, in de darmen, in de urinewegen, bij vrouwen in de vagina en zelfs in organen zoals lever, nieren en longen.

Een systemische candida infectie

Volgens het huidige medische standpunt (huisartsen en specialisten) kan alleen bij patiënten in het terminale stadium of bij patiënten met ernstige ziekten als kanker en AIDS de Candida, zoals hieronder beschreven, in het bloed en de organen buiten de darmen terecht komen. Drs. Nieuwenhuis directeur van de Stichting Orthomoleculaire Educatie is het hier niet mee eens. Volgens Nieuwenhuis is dit standpunt verouderd en kan een Candida ook bij patiënten die niet ernstig ziek zijn in het bloed terecht komen.

Het proces waarmee Candida zich verder in het lichaam nestelt en uiteindelijk "systemisch" (in het hele lichaam) wordt verspreid, bestaat volgens Nieuwenhuis ruwweg uit vier stappen.

  1. Een candida infectie in de darmen is de eerste stap in het proces van een systemische candida infectie.
  2. Een door Candida afgescheiden enzym zorgt ervoor dat er nissen worden gevormd tussen de darmwandcellen, waarin Candida zich vervolgens dieper kan nestelen; dit is de tweede stap in de kolonisatie.
  3. Candida is een dimorf organisme, dat betekent dat het twee vormen kan aannemen. Het kan als gistcel voorkomen maar ook in de vorm van lange draden. Deze vorm is gevaarlijker dan de gistcel vorm en kan door middel van hyfevorming (scherpe naaldjes) diep in het darmwandweefsel doordringen en deze uiteindelijk ook perforeren waardoor de Candida in de bloedbaan terecht komt. Dit feit was al in 1923 bekend, maar werd weer vergeten tot in 1969 ene Krause (een chirurg die vrijwillig meewerkte aan een onderzoek) 10.000.000.000.000 Candida Albicans cellen consumeerde: zes uur later zat er duidelijk Candida in bloed en urine. Dit is de derde stap in het proces.
  4. De vierde stap is een regelrechte oorlog tussen de Candida cellen en het afweersysteem. De Candida maakt hier gebruik van camouflagetechnieken en biologische strijdmiddelen om het afweersysteem voor de gek te houden en te verzwakken. Het hangt vervolgens van de kwaliteit van het afweersysteem van de diverse weefsels af, in hoeverre de Candida schimmels deze weefsels zullen penetreren. Vermoed wordt echter, dat op langere termijn vrijwel geen enkel weefseldeel deze penetratie kan voorkomen.

Schimmels en gisten

Candida gist
Het is zeer belangrijk om te weten of een infectie wordt veroorzaakt door een gist als candida of een schimmel als aspergillus, want in het geval van een candida infectie zal de kern van het dieet gevormd worden door een suiker beperking en in het geval van een aspergillus infectie moeten de eiwitten worden beperkt.

Gisten zijn eencellige schimmels. Er bestaan vele soorten gisten, de bekendste is bakkers- (Candida utilus) of biergist (Saccharomyces cerevisiae), die gebruikt wordt bij de brood- en bierbereiding. De meeste in levensmiddelen gebruikte gisten zijn bolvormig en delen zich door het vormen van knopjes. Hieraan kan men onder de microscoop gisten te herkennen, ze zien er dan uit als een 8.

De meeste schimmels hebben een 'groeivorm' en een 'voortplantingsvorm'. De paddestoelen in het bos zijn ook schimmels. De paddestoel is de voortplantingsvorm van deze schimmel: onder de hoed zitten talloze sporen, die kunnen uitgroeien tot een nieuwe schimmel. Onder de grond zit een stelsel van schimmeldraden: de groeivorm (het mycelium of zwamvlok). Ook de schimmels die op of in ons lichaam groeien, hebben twee vormen. Maar die zijn zo klein dat ze alleen met een microscoop te zien zijn. Wat je wel ziet, voelt en ruikt, zijn de gevolgen van de groei: een geïrriteerde huid, een beslagen mond of witte vloed (vaginale infectie). Gisten hebben suiker nodig om te groeien. Voorbeelden van gisten zijn: Candida albicans, Candida crusei, Candida tropicalis. Voorbeelden van schimmels zijn: Aspergillus niger, Aspergillus flavus en de aspergillus fumigatus. Aspergillus voedt zich met eiwitten.

Klachten die horen bij een candida infectie

Darm infectie

In het volgende overzicht vind je de voornaamste klachten die met Candida te maken kunnen hebben:
  • Spijsverteringsklachten: zoals maagklachten, gasvorming, constipatie of diarree, buikpijn
  • Klachten, verband houdende met een over-reactief immuunsysteem, zoals voedsel allergieën; deze allergische reacties kunnen ontstaan, indien intacte proteïne moleculen de door Candida beschadigde darmwand passeren en vervolgens de bloedbaan bereiken.
  • Klachten, verband houdende met een verzwakt immuunsysteem (vaak de opvolgende fase van over-reactiviteit), zoals steeds terugkerende infecties, bijvoorbeeld: verkoudheid, voorhoofdsholte ontsteking, slechte wondheling.
  • Hormonale klachten: waaronder vooral hypoglycemie, met als gevolg onder meer hersenstofwisselingsproblemen in de vorm van 'psychische klachten': irrationele angsten, depressies e.d.
  • Ontgiftingsklachten: verband houdende met de afscheiding van toxines door de Candida schimmels, zoals psychische problemen, overbelasting van ontgiftingsorganen, huidproblemen, hoofdpijn.
  • Vermoeidheidklachten: als gevolg van voorgaande stoornissen en ook als gevolg van: de hypoglycemie, en het sterk verminderde vermogen van elke Candida patiënt om voedingsenergie optimaal om te zetten in bio-energie.
  • Gerelateerde stoornissen: verder kan Candida psoriasis, eczeem, bij vrouwen vaginitis, bij mannen chronisch prostatites, schimmel infectie in de mond, voetschimmel, ringworm, haarroos en Kalknagels veroorzaken.
  • autistisch gedrag.
De bovenstaande klachten kunnen ook door andere ziekten worden veroorzaakt. Het is daarom verstandig om eerst vast te stellen of een klacht, of complex van klachten, te wijten is aan een ziekte die niets met Candida te maken heeft. Differentiaal diagnostiek noemt men dat. Overleg daarom eerst met huisarts of specialist. Kan het reguliere medische circuit niets vinden, laat dan onderzoeken of er sprake is van een Candida infectie.

Vaginale infectie

Een
vaginale schimmel infectie komt relatief vaak voor. Ongeveer 75% van de vrouwen krijgt er ten minste eens in haar leven mee te maken. Deze infectie kan worden veroorzaakt door een candida schimmel, maar er kunnen ook andere oorzaken een rol spelen. Bij 15 tot 20% van de vrouwen zonder vaginale klachten komt candida in de flora van de vagina voor. Dit komt vooral voor tijdens zwangerschap, bij gebruik van antibiotica en bij vrouwen met darmproblemen waardoor de darmflora is verstoord. Ook bij gebruik van corticosteroïden is er kans op ontwikkeling van een vaginale candida infectie. De klachten die horen bij een vaginale schimmel infectie zijn:
Sexual Activity
5-stappenplan
Sexual Activity and Yeast Infection: Are yeast infections sexually transmitted? Many women think so, but in fact yeast infections almost always appear on their own, with or without sexual activity. Still, some forms of birth control may increase a woman's risk, while others should be avoided during a yeast infection. Tune in as doctors discuss what women should know about yeast infections and sex.

Source Klik daarna op: Watch Video>> (heb even geduld het duurt even voor het programma start)
 
  • Jeuk en / of branderigheid
  • Droogheid of schraalheid
  • Overmatige vaginale afscheiding met soms een afwijkende geur
  • Irritaties en pijn tijdens of na seks
  • Pijn bij het plassen
Vrouwen ondervinden vaak de meeste klachten in de week voor hun menstruatie begint.

Online diagnostiek candida en hypoglycemie

Als u wilt weten of er bij u misschien sprake is van een candida infectie gebruik dan deze online candida test, Bij een score van 90 of hoger kunt u overwegen om via het online spreekuur een ontlastingonderzoek aan te vragen. Als u wilt weten of er bij u naast een candida infectie ook nog sprake kan zijn van hypoglycemie, doe dan de online hypoglycemie test. Maar een hypoglycemie diagnose kan ook sneller gesteld worden. Als u niet in staat bent om een maaltijd over te slaan of om uren later te eten zonder daar klachten van te ondervinden (trillen, angstig voelen, geïrriteerdheid, vermoeidheid) dan heeft u hoogst waarschijnlijk last van hypoglycemie.

Mogelijke oorzaken van een candida infectie

Verteringsproblemen kunnen een candida infectie veroorzaken

Het spijsverteringskanaal behoort, net als de huid, eigenlijk tot de buitenkant van ons lichaam. Het moet er voor zorgen dat voeding wordt opgenomen en pathogene (ziekmakende) stoffen worden tegen gehouden. Dat is door de tegenstrijdigheid (opnemen en tegenhouden) een zeer complexe zaak waar, zoals in de volgende paragrafen wordt uitgelegd, heel veel mis kan gaan.

Problemen kunnen reeds in de mond ontstaan

Door haastig eten zonder goed te kauwen worden pathogene bacteriën en schimmels onvoldoende tegen gehouden. Dit kan, op den duur, een verstoorde darmflora veroorzaken waardoor er een milieu ontstaat voor een ongeremde groei van candida schimmels.

De spijsvertering begint in de mond. Nadat het voedsel goed is gekauwd en vermengd met speeksel komt het via de slokdarm in de maag. Speeksel bevat antibacteriële stoffen waardoor pathogene kiemen (bacteriën, gisten en schimmels) in de mond reeds onschadelijk gemaakt worden Maar het bevat ook het enzym amylase dat zetmeel omzet in maltose. Voeding zoals drinkontbijt is daarom een onverstandige keuze. Als de natuur had gewild dat wij ons voeden door te drinken hadden we wel een zuigmondje gehad. Bovendien is het mondslijmvlies bedekt met Immunglobuline A (IgA) dat in staat is om tijdens het kauwen schadelijke bacteriën te merken en of te vernietigen. Er komt ook een bacterie in de mond voor die Streptococcus mutans wordt genoemd. In de aanwezigheid van suiker (sucrose) veroorzaakt deze bacterie tandcariës (gaatjes).

Maagproblemen

Bij een verminderd productie van maagzuur kunnen pathogene kiemen de maag eenvoudiger passeren en in de darm terecht komen waar zij het milieu verstoren en zich verder kunnen vermenigvuldigen. Door een te lage maagzuurgraad kan onverteerd voedsel in de darm terecht komen waardoor de gezonde darmflora wordt verstoord en schimmels een grotere kans krijgen. Een verstoorde eiwit vertering in de maag kan ook nadelige gevolgen hebben voor de gezonde darmflora en op die manier bijdragen aan het in stand houden van een candida infectie.
Wat is een Reflux?
5-stappenplan
Tussen de slokdarm en de maag zit een sluitspiertje dat open gaat als er voedsel op weg is naar de maag. Soms werkt dat spiertje niet goed en komt onverteerd voedsel en maagzuur in de slokdarm terecht. In zo’n geval spreekt de specialist van een reflux. Een reflux veroorzaakt een brandende pijn onder de hartstreek en in sommige chronische gevallen slokdarmkanker. Deze stoornis kan vaak verholpen worden door 2 - 3 uur voor het slapen niet meer te eten en het bed aan het hoofdeinde iets te verhogen.
 

De maag speelt een belangrijke rol bij de vertering van ons voedsel. Tijdens het eten wordt de maag met het voedsel gevuld. Gedurende 3 tot 5 uur wordt het voedsel in de maag opgeslagen, gekneed en vermengd met maagsap, dat door de maagklieren wordt afgescheiden. Dit geldt voor vast voedsel, want vocht wordt rechtstreeks via de maag naar het begin van de dunne darm geleid.

In de maag vindt de eerste eigenlijke vertering plaats door inwerking van het maagsap. Het maagsap bevat zoutzuur en enzymen. Het zoutzuur verdeelt het voedsel in kleine brokjes en is hierdoor in staat om pathogene kiemen te doden. Door het gebruik van maagzuurremmers wordt de productie van maagzuur geremd en komen er meer pathogene stoffen, zoals bijvoorbeeld schimmels en gisten in de darm terecht. Dit kan het begin zijn van een candida infectie. Daarom is het ook belangrijk dat je niets drinkt tijdens het eten, want daardoor wordt het maagzuur verdund en is dan minder effectief.

Eiwit wordt in de maag afgebroken door eiwitsplitsende enzymen, waarvan pepsine het belangrijkste is. De eiwitten worden in de maag niet volledig afgebroken, maar er wordt een begin mee gemaakt. De verdere afbraak of vertering van eiwitten vindt pas plaats in het begin van de dunne darm. Behalve eiwitafbrekende enzymen scheiden de maagklieren twee andere voor de vertering belangrijke enzymen af: lipase, een vetafbrekend enzym en lebferment, een enzym dat de voedingsstof caseinogeen afbreekt tot caseine. Deze enzymen worden in de maag met het voedsel vermengd maar ontplooien hun werking pas in het ileum. De voedselbrij verlaat de maag via de portier, een klep tussen de maag en de dunne darm. Het openen en sluiten wordt geregeld door de zuurtegraad van de maaginhoud.

De maag speelt ook een rol bij de opname van B12. Een tekort aan B12 kan nl ontstaan doordat de maagcellen geen intrinsieke factor aanmaken. Deze stof zorgt er voor dat B12 uit ons voedsel opgenomen kan worden. Deze stoornis heet pernicieuze anemie.

Verstoorde darmflora

Een verstoring (in aantallen en samenstelling) van de darmflora heeft een gunstig effect op de groei van candida schimmels. Te weinig bacteriën betekent lege plekken op de darm (verminderde kolonisatieresistentie) waar schimmels en gisten zich kunnen nestelen en een verschuiving naar meer pathogene bacteriën creëert een darmmilieu dat minder zuur is waardoor schimmels en gisten beter kunnen groeien.

Residente (gezonde) flora

Soort bacterie
% van totale flora
Vertering
pH regulatie
Zuurstof
Eschericia coli
0,050
Koolhydraten / eiwitten
Verzurend / alkaliserend
aërobe
Enterococcus sp
0,050
Koolhydraten
Verzurend
aërobe
Lactobacilus sp
0,050
Koolhydraten
Verzurend
m. aerophile
Bifidobacterieen
49,948
Koolhydraten
Verzurend
anaërobe
Bacteroides sp
49,948
Onverteerbare koolhydraten / Eiwitten
Alkaliserend
anaërobe
Aërobe: zuurstof nodig anaërobe: geen zuurstof nodig m. aerophile: weinig zuurstof nodig

De gezonde darmflora verbruikt overwegend koolhydraten als brandstof. Bovendien heeft deze darmflora een verzurende werking op de darmen. Dit zijn goede eigenschappen om een candida infectie te voorkomen. Bovendien nemen de bifidobacteriën (een groep waartoe de acidofilus ook toe behoort) en de Bacteroïdes veel plaats in (kolonisatieresistentie) waardoor er voor candida schimmels weinig plaats op de darmwand meer over blijft. Antibioticum (een toxine dat ook door schimmels wordt gemaakt) doodt de bacteriën die een blaasontsteking veroorzaken maar ook de darmflora (gezond en pathogeen). Hierdoor ontstaat een “lege darm” waar schimmels makkelijk aan de darmwand kunnen hechten. Het is daarom belangrijk om bij een onderzoek naar de mogelijkheid van een candida infectie ook te kijken hoe het er met de gezonde (residente = obligate) darmflora voor staat.

Transiënte (pathogene) flora

Soort bacterie
Vertering
pH regulatie
Zuurstof
E. coli Biovarei
Koolhydraten / eiwitten
Verzurend / alkaliserend
aërobe
Proteus sp.
Eiwitten
Alkaliserend
aërobe
Klebsiella sp.
Eiwitten
Alkaliserend
aërobe
Enterobacter sp.
Eiwitten
Alkaliserend
aërobe
Pseudomona sp.
Eiwitten
Alkaliserend
aërobe
Citrobacter sp.
Eiwitten
Alkaliserend
aërobe
Clostridium sp.
Koolhydraten / Eiwitten / Vet
alkaliserend
anaërobe
Aërobe: zuurstof nodig anaërobe: geen zuurstof nodig

Als pathogene (transiënte) darmflora de overhand krijgt wordt er een milieu gecreëerd waarin candida schimmels beter kunnen groeien. De pathogene darmflora heeft nl. een alkaliserende werking op de darm, de darm wordt daarom minder zuur, bovendien is er tussen pathogene bacteriën en schimmels geen competitie wat de voeding betreft. De schimmel voedt zicht met suiker (koolhydraten) de pathogene bacteriën overwegend met eiwitten.

Een verkeerde voeding waarin te veel eiwitten zitten kan de gezonde darmflora in zijn groei belemmeren waardoor de pathogene flora een kans krijgt. Een dieet voor het behandelen van overgewicht is vaak gebaseerd op eiwitrijke en koolhydraatarme voeding. De gevolgen zijn dan na een aantal maanden te merken, de pathogene bacteriën krijgen de overhand waardoor een alkalisch milieu ontstaat wordt waarin schimmels en gisten goed kunnen groeien. Opnieuw een goede reden om onderzoek naar de darmflora en de zuurgraad in een candida onderzoek mee te nemen. Op deze wijze kan de behandeling nog beter worden afgestemd op de persoonlijke situatie van de patiënt.

Verkeerde darm pH waarde

Het is belangrijk om tijdens het onderzoek ook de zuurwaarde van de darm te meten. Op basis van een zuur/base uitslag zou het candida dieet zo kunnen worden aangepast dat er een zuur milieu ontstaat waardoor de candida op natuurlijke manier wordt bestreden.

De pH waarde van de darm is enorm belangrijk. De residente darmflora verzuurt de darm zodat een lage pH waarde ontstaat waarin schimmels en gisten niet goed kunnen groeien. Pathogene bacteriën laten de pH waarde stijgen waardoor de darm minder zuur wordt. Schimmels en gisten groeien beter in een alkalisch (niet zuur) milieu.

pH is afgeleid van het Latijnse potentia hydrogenii en betekent: "werkzaamheid van de waterstof". Het is een maat voor de concentratie waterstof-ionen in oplossingen en geeft aan hoe zuur of basisch iets is. Hoe hoger de concentratie waterstof-ionen is, hoe zuurder de oplossing. Oplossingen met lagere hoeveelheden waterstofionen zijn basisch (alkalisch). De mate van zuur-base wordt weergegeven op een pH schaal van 1 tot 14. Hierbij staat 1 voor zéér zuur en 14 voor zéér basisch (alkalisch). De neutrale pH-waarde is 7. De toename in pH is logaritmisch wat wil zeggen dat een pH-waarde van 6, 10 maal zo zuur is als een pH van 7. Een pH-waarde van 5 is dan 100 maal zo zuur als een pH-waarde van 7.

Verstoring van pancreas enzymen

Pancreas en lever
Een verstoring in de productie van pancreas enzymen heeft gevolgen voor de vertering van koolhydraten en eiwitten. Te weinig amylase vermindert de vertering van koolhydraten waardoor de gezonde darmflora zich niet meer in voldoende mate kan ontwikkelen waardoor de pathogene darmflora de overhand krijgt. Een stoornis in de pancreas kan zo de oorzaak worden van een chronische candida infectie.

De pancreas (alvleesklier) is opgebouwd uit cellen, die hormonen maken (insuline en glucagon) en uit cellen die enzymen maken (onder andere amylase, lipase, trypsine). De pancreashormonen worden afgegeven in het bloed en zorgen ervoor dat het bloedsuikergehalte binnen normale waarden blijft. Als de hormoonproductie te laag is, ontstaat er suikerziekte (diabetes).

De pancreasenzymen zijn van groot belang voor de spijsvertering. Ze komen via een afvoerbuis bij de zogenaamde Papil van Vater in de twaalfvingerige darm terecht. Wanneer er te weinig enzymen worden geproduceerd ontstaan er stoornissen in de vertering van koolhydraten (door amylase), vetten (door lipase) en eiwitten (door trypsine).

Intoleranties

Voedselintoleranties veroorzaken ontstekingsreacties in de darmen. Hierdoor wordt de werking van de spijsvertering ernstig verstoord, de darmwand beschadigd, het immuunsysteem wordt onnodig zwaar belast en voedsel minder goed opgenomen. Intoleranties veroorzaken darmklachten, winderigheid, een opgezwollen buik, krampen en diarree. Onopgemerkte jarenlange voedselintoleranties kunnen de oorzaak zijn van een chronische candida infectie.

Wat is het verschil tussen een allergie en een intolerantie?

Bij een allergische reactie wordt door het immuunsysteem Immuunglobuline E (IgE) antistof geproduceerd, bij een intolerantie is dat niet het geval maar wordt er IgG geproduceerd. Typerend voor een allergische reactie is het feit dat de klachten meestal zeer snel na contact met het allergeen ontstaan. Bovendien zijn allergieën vaak erfelijk. Bij een intolerantie treden de klachten meestal pas 1 - 2 dagen na het contact op. Intoleranties kunnen ook veroorzaakt worden door het ontbreken van bepaalde enzymen. Een lactose (melk) intolerantie is een goed voorbeeld.

Allergieën voor voedings- of inhalatiestoffen worden door de reguliere geneeskunde herkend en behandeld. Door middel van bloedonderzoek kan de aanwezigheid van IgE worden aangetoond. Moeilijker wordt het wanneer er sprake is van intoleranties. Hierbij reageert het lichaam, net als bij een allergie, op een abnormale manier, echter het afweersysteem produceert geen IgE. Ook duurt het vaak langer voordat er klachten optreden, waardoor er geen verband tussen de schuldige stof en de klachten wordt gelegd. Dit zijn enkele van de redenen waarom het begrip intolerantie, vooral daar waar voeding een rol speelt, een nogal controversiële positie binnen de reguliere geneeskunde is gaan innemen. Het blijkt echter dat intoleranties voor een scala aan klachten verantwoordelijk kunnen zijn waarvoor in eerste instantie geen plausibele verklaring wordt gevonden. Bekende problemen veroorzaakt door intoleranties zijn o.a.:

  • chronische vermoeidheid
  • maagdarmklachten: aften, maagpijn, spastische dikke darm, de ziekte van Crohn, colitis ulcerosa
  • huidklachten: jeuk, eczeem, netelroos, acne (bij volwassenen)
  • gewrichts- en spierklachten: variërend van atypische pijnen (waaronder fibromyalgie) tot reumatoïde artritis
  • hoofdpijn en migraine
  • astma, chronische verkoudheid of bijholteproblemen
  • premenstrueel syndroom
  • hypoglycemie
  • depressie, angstaanvallen
  • slaapstoornissen

75% van alle volwassenen kunnen geen lactose verdragen en dat hoort zo!!

Lactose intolerantie is de onmogelijkheid om melksuikerlactose te verteren, wat bij sommige mensen gastro-intestinale symptomenen van winderigheid, opgezwollenheid, krampen en diarree veroorzaakt. Dit is het gevolg van een tekort aan de lactase enzymen die lactose afbreken in eenvoudigere vormen, glucose en galactose. Bijna alle peuters en jonge kinderen hebben de lactase enzymen die lactose kunnen splitsen. In het algemeen, verliest 75% van de wereldbevolking, hun lactase enzymen na het zogen. Het erkennen van dit gegeven gaf aanleiding tot een belangrijke wijziging in de terminologie. Diegenen die geen melk kunnen verteren werden in het verleden "lactose intolerant" of "lactase deficiënt" genoemd. Nu worden zij echter als normaal gezien, terwijl de volwassen die de enzymen behouden die hen toelaten om melk te verteren "lactase persistent" genoemd worden.

Of klachten optreden, hangt af van de hoeveelheid lactase die nog wordt gemaakt in de darm, samenstelling van de voeding en de soorten bacteriën (darmflora) in de darm. Er kunnen klachten ontstaan als de darmbacteriën de niet-verteerde lactose in de darm afbreken. Daarbij komen extra veel gassen en darmprikkelende stoffen vrij. Daarnaast trekt de niet-verteerde lactose water aan waardoor waterige ontlasting ontstaat. Dit alles kan gepaard gaan met buikpijn, kramp, misselijkheid, een opgezette buik, winderigheid en diarree.

Is candida misschien de oorzaak van coeliakie?

In Nederland wordt momenteel onderzoek gedaan naar coeliakie en in dit kader wordt in samenwerking met verschillende onderzoeksgroepen gezocht naar een mogelijke ‘trigger’ voor het oproepen van de coeliakie symptomen. In een publicatie van 21 juni 2003 het IRAS (Universiteit Utrecht) in The Lancet wordt een mogelijke rol van de pathogene gist Candida albicans bij het ontstaan van coeliakie voorgesteld.

Coeliakie patiënten krijgen door het eten van gluten - eiwitten in granen als tarwe, rogge, haver en gerst- ernstige problemen in de dunne darm. De ziekte kan zowel in de jeugd als op latere leeftijd aan het licht komen. Door een auto-immuunreactie raakt het slijmvlies van de darmwand beschadigd. Mensen met coeliakie hebben vaak last van buikklachten na het eten van graanproducten zoals brood of pasta. Daarnaast worden door deze beschadiging vitaminen en mineralen uit de voeding minder goed opgenomen. Dit kan aandoeningen als bloedarmoede en osteoporose (botontkalking) tot gevolg hebben; bij kinderen kan de groei sterk achterblijven. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat coeliakie patiënten een hogere kans op een aantal typen kanker hebben. Coeliakie komt waarschijnlijk bij 1 op de 100 tot 300 mensen voor. Bij vele mensen is de diagnose echter niet gesteld. Een strikt glutenvrij dieet is momenteel de enige remedie voor deze patiënten. Het is bekend dat coeliakie patiënten een bepaalde erfelijke aanleg hebben. Het is echter niet duidelijk waarom de ziekte zich niet bij alle mensen met deze erfelijke aanleg openbaart en men soms tientallen jaren zonder coeliakie symptomen kan leven. Er is waarschijnlijk een extra ‘trigger’ nodig om deze symptomen op te roepen. Mogelijk is de gist Candida albicans deze ‘trigger’.

Ontgifting via de darmen

Bij patiënten met chronische darmklachten komen bijna altijd ontgiftingsproblemen voor. De hierbij horende diaree moet gezien worden als een soort van ontgiften van de darmen maar ook een manier om pathogene stoffen kwijt te raken. Geneesmiddelen die diaree stoppen werken daarom de reiniging van het lichaam in deze gevallen tegen.

De lever is het belangrijkste ontgiftingsorgaan, op de voet gevolgd door de darmen en de nieren. Secundaire ontgiftingsorganen zijn de longen en de huid. Het lichaam kan ontgiften via de darm. Dat werkt bijna op dezelfde manier als de ontgifting via de lever. Ook de darm kent net als de lever een Fase I (biotransformatie) en een Fase II (conjugatie). Maar er zijn ook verschillen. Er ontbreken een aantal Fase I enzymen, o.a. voor het afbreken van cafeïne en bovendien komt Fase II methylering in de darmen nauwelijks voor. Bij een verstoorde darmfunctie (chronische darmklachten) werkt het ontgiftingssysteem van de darmen niet optimaal en moet de lever meer werk verzetten.

Werking Fase I: Biotransformatie

In fase I van de ontgifting worden toxines door een groep enzymen die behoren tot de groep cytochroom P450 onschadelijk gemaakt. Een deel van de toxines kan in zijn geheel worden afgebroken, andere worden omgezet in een wateroplosbare of vetoplosbare vorm zodat ze door de nieren en de gal kunnen worden uitgescheiden. Maar er zijn ook toxines die niet op deze manier kunnen worden verwerkt. Deze toxines worden qua structuur zo veranderd (bio-transformatie) dat zij door de volgende Fase II goed kunnen worden afgebroken. Helaas is deze tussenvorm vele malen giftiger dan de oorspronkelijke toxine. Een juiste balans tussen de werking van Fase I en II is daarom heel belangrijk.

Als men aan veel gifstoffen bloot staat, hetgeen voor elke Nederlander het geval is, is fase I actiever dan normaal. Als fase II van de ontgifting op normale snelheid verloopt of iets te traag is dan zullen de in Fase I gevormde supertoxines (de tussenvorm) in het lichaam achter blijven en nog meer schade aanrichten dan de oorspronkelijke toxines. In zo’n geval spreekt men van een pathologische (ziekmakende) ontgifting.

Werking Fase II ontgifting: conjugatie

Fase II in het ontgiftingsproces probeert gifstoffen te neutraliseren, of te binden (conjugatie) aan andere stoffen waardoor de gifstoffen oplosbaar worden en door de nieren of via de gal uitgescheiden kunnen worden. Vetoplosbare toxines die via de gal worden uitgescheiden leggen een grotere weg af voordat ze in de ontlasting terecht komen dan water oplosbare toxines die via de nieren en de urine het lichaam verlaten. Dat is een nadeel van ontgiften via de gal. Fase II kent in totaal zeven mogelijkheden van conjugatie: glutathion conjugatie, methylering, sulfatie, sulfoxidatie, acetylering en glucorondatie. Een aantal toxines wordt via slechts één van deze paden gebonden, andere door meerderen.

Verstoord immuunsysteem

Stress verzwakt het immuunsysteem. Een verzwakt immuunsysteem heeft gevolgen voor onze darmen. De meeste mensen merken “spanning” direct doordat ze darmklachten ondervinden. Maar ook het omgekeerde is waar, een verstoring van de werking van de darm veroorzaakt problemen voor ons immuunsysteem. Er kunnen door darmstoornissen met name slijmvlies georiënteerde klachten ontstaan zoals: vaginale schimmel infectie, psoriasis, astma en sinusitis. Sommige vaginale schimmel infecties kunnen dus worden veroorzaakt door een darmstoornis. Behandeling van de vagina alleen heeft dan geen enkele zin.

Binnenkant = buitenkant

De darmen zijn met een oppervlakte van 300 - 500m2 het grootste orgaan met een directe verbinding met de buitenwereld. Ter vergelijking, de totale oppervlakte van het slijmvlies van de luchtwegen bedraagt 500m2 en de oppervlakte van de huid 2m2.

Het immuunsysteem vormt een barrière op deze buitenkant die voorkomt dat bacteriën en virussen je lichaam binnendringen. Een onderdeel van dit immuunsysteem wordt gevormd door Immuunglobuline A (IgA). Ongeveer 13% van alle immuunglobuline bestaat uit IgA. IgA is alleen actief aan de buitenkant van ons lichaam, de huid, de longen, de neus, de mondholte en de darmen.

IgA training begint in de darm

Iga training (homing)
Naast de overwegend mechanische barrière van het darmmucus, darmslijmvlies en andere bestanddelen van de darmen is de immunologische inrichting van de darmen van groot belang als immunologische barrière

Gespecialiseerde cellen in de Peijerse plaques van de dunne darm, de M-cellen (Microfold-cellen) nemen doorlopend ongeveer 1 % van de passerende antigenen op en presenteren die aan de sub-epitheliaal liggende lymfocyten en macrofagen. Na antigeen stimulatie transformeren de B- lymfocyten en lymfoblasten. Ze belanden via de in het darmen aanwezige lymfeweefsel in de bloedsomloop, waar ze circuleren en dan voor een groot gedeelte weer terug komen in de darm om zich daar verder te ontwikkelen ("Homing"). Op deze wijze is dit proces in staat om alle slijmvliezen in het lichaam te voorzien van de juiste antistoffen (IgA). Hierdoor wordt de immuniteit van deze slijmvliezen aanmerkelijk verbeterd. Hier ziet u dus waarom een vaginale schimmel infectie veroorzaakt kan worden door een darmstoornis. Behandeling van de vagina alleen heeft dan geen enkele zin.

Mogelijke oorzaken van een vaginale infectie

Net als in de darmflora bestaat de vaginale flora uit verschillende soorten bacteriën die een beschermende factor zijn tegen pathogenen en in de vagina een zuur milieu creëren. Bij een tekort aan lactobacillen slaat het beschermende zure milieu van de vagina om in een basisch milieu, waardoor schimmels en gisten zich kunnen ontwikkelen. Het gebruik van anticonceptiva (de pil), geeft opslag van koolhydraten in de vaginawand. Deze suikers zijn een voedingsbodem voor gisten en schimmels. Daarom treedt bij het gebruik van anticonceptiva vaak vaginale candidiasis op.

Een overmaat aan lactobacillen (verzuring) kan echter klachten geven die lijken op een vaginale candidiasis. Ook de darmbacteriegroep enterococcen komt voor in de vagina. Er kan een onderscheid gemaakt worden in endogene en exogene factoren die de vaginale flora beïnvloeden. Stress, onevenwichtige voeding en chronische aandoeningen hebben een direct of indirect effect op de kwaliteit van de slijmvliezen, dus ook de slijmvliezen van de vagina. Door stress vermindert de natuurlijke barrière met het externe milieu waardoor pathogenen makkelijker via de slijmvliezen het organisme kunnen binnendringen. In de vaginale flora is dit o.a. te zien aan een basisch milieu en een hogere concentratie van enterococcen.


Onder invloed van oestrogeen neemt de dikte van het vaginale slijmvlies toe. Tijdens de ovulatie wordt zo de vagina optimaal beschermd. In de menopauzale fase en voor de eerste menstruatie is door de lage oestrogeenspiegels de vaginawand veel kwetsbaarder en dunner. Progesteron en medicatie die progesteron bevat, zoals anticonceptiva (de pil), geeft opslag van koolhydraten in de vaginawand. Deze suikers zijn een voedingsbodem voor gisten en schimmels die juist gedijen op suikers. Daarom treden vaak in de zwangerschap, in de tweede helft van de cyclus en bij het gebruik van anticonceptiva vaginale infectie op. Buiten anticonceptiva spelen antibiotica, corticosteroïden, bloedverdunners en chemotherapie een negatieve rol op de kwaliteit van het slijmvlies van de vagina. Ook bepaalde allergische reacties kunnen bijdragen aan vaginale infecties.

De diagnose van een candida infectie

Ontlastingonderzoek

Bij een ontlastingonderzoek dat door een reguliere arts of specialist wordt uitgevoerd wordt vaak alleen gekeken naar de aanwezigheid van schimmels of gisten maar wordt niet onderzocht of een darmflora disbiose of een verstoorde zuurtegraad de oorzaak zou kunnen zijn.

Voor een betrouwbare diagnose van een candida infectie is een ontlastingonderzoek de aangewezen weg. In een ontlastingonderzoek moet tenminste gekeken worden naar de volgende aspecten.

  • Mogelijke aanwezigheid van schimmels en gisten
  • De pH waarde van de darm
  • De toestand van de gezonde resisidente darmflora
  • Mogelijke aanwezigheid van pathogene transiënte darmflora
  • Vertering van koolhydraten, eiwitten en vetten
Vraag via het elektronisch spreekuur een advies over de behandeling van een candida infectie aan. Dit advies wordt gebaseerd op de resultaten van een ontlastingonderzoek
LBA
5-stappenplan
Een Candida diagnose kan, volgens sommigen, ook worden verkregen met behulp van een levend bloed analyse (LBA). Deze analyse behelst een biologische observatie van één of meer druppels perifeer bloed, die met behulp van een lichtmicroscoop met fase contrast condensor via een videocamera vergroot worden geprojecteerd op een monitor. Deze microscoop-set bereikt met behoud van voldoende resolutie een maximale vergroting van circa 7.000 x
 

Levend Bloed Analyse

Sommige artsen en therapeuten gebruiken een levend bloed analyse (LBA) als diagnose middel voor een candida infectie. Een LBA schiet op een aantal vlakken tekort:
  1. LBA zegt niets over de darmflora
  2. LBA zegt niets over de pH waarde van de darm
  3. LBA geeft alleen een positieve uitslag als de schimmel in het bloed aanwezig is. Veel artsen betwijfelen of dat kan bij patiënten die niet terminaal ziek zijn of waarbij de werking het immuunsysteem normaal functioneert.
Drs. Nieuwenhuis directeur van de Stichting Orthomoleculaire Educatie denkt daar anders over. Volgens Nieuwenhuis is het onder meer mogelijk de kwantiteit en hoedanigheid van Candida gistcellen c.q. -schimmels in het bloed te beoordelen. Dit wordt, volgens hem, tot op zekere hoogte, voldoende representatief geacht voor de situatie in de weefsels.

Vaginaal onderzoek

De samenstelling van de vaginale flora geeft belangrijke aanwijzingen over de oorzaak van de vaginale klachten. Het in kaart brengen van de vaginale flora via een onderzoek is daarom de eerste stap in een effectieve therapie.

Zeker tijdens de zwangerschap is een controle van de vaginale flora aan te raden, omdat deze flora direct verantwoordelijk is voor de start van het kind betreffende de opbouw van darmflora en dus van de afweer. Een vaginaal onderzoek kan m.b.v. van een uitstrijkje worden gedaan. Opnieuw is het belangrijk dat er naast onderzoek naar schimmels en gisten ook gekeken wordt naar de vaginale flora en de zuurgraad.

Candida en Hypoglycemie discussie forum en email informatie channel

Geef hier uw reactie
5-stappenplan
Geef uw reactie op dit candida artikel. Wat vindt u er van? Was deze informatie zinvol voor u? Heeft u als patient, arts of therapeut een eigen visie? Meldt de resultaten van uw candida behandeling!! Reageer nu!! Lees ook de reacties van anderen.
 

Waarom een Candida en Hypoglycemie forum?

Ik heb voor Candida patiënten een Candida & Hypoglycemie webforum op gezet. Het forum kan door Candida patiënten gebruikt worden om ervaringen uit te wisselen en van elkaar te leren. Aan dit forum doet een ervaren therapeut mee. Zij kan je op weg helpen bij de behandeling. Lees eerst de korte handleiding. Oefen wat en ga dan naar het Candida en Hypoglycemie Forum. Je kan actief mee doen aan discussies of alleen maar lezen wat anderen te vertellen hebben over candida en hypoglycemie.

Email channel voor automatische updates over Candida en Hypoglycemie

Voor Candida en Hypoglycemie patiënten heb ik ook een email channel opgezet. Via dit channel houd ik Candida en Hypoglycemie patiënten op de hoogte van veranderingen van mijn bestaande artikelen en nieuwe ontwikkelingen op het gebied van de behandeling van Candida en Hypoglycemie. Je kan meedoen aan het channel door je aan te melden via deze pagina. Natuurlijk kan je elk moment stoppen door je via dezelfde pagina weer af te melden.

Referenties

Candida informatie centrum met de meest actuele pagina's

  • Nederlandstalige pagina's
  • Engelstalige pagina's

Bron: Candida omschrijving:

  • Boek: Schimmelziekten en Gezonde voeding, door: Dr.Kerstin / Dr. Burkhard-Schutz]
  • Seminar: Darmflora, immuniteit en therapeutische concequenties, Ralf Abels RP-Vitamino
SITE MAP
- Candida: Candida infectie - CVS/ME: Chronische vermoeidheid Syndroom - Diabetische complicaties: Behandeling diabetische complicaties - Neuropathie - Retinopathie - Nefropathie - Bloeduiker stabilisatie - Hart en vaatziekten: Cardiomyopathie en Hartfalen - Cardiomyopathy and Heart Failure - Hoge bloeddruk - Cholesterol verlaging - Aderverkalking (atherosclerose) - Spataderen - Levensverlenging: Levensverlenging - DHEA - Melatonine - 65+ - Kanker: - Ondersteuningstherapie bij kanker - Bot en gewricht aandoeningen: - Artrose - Artritis - Osteoporose - Fibromyalgie: - Fibromyalgie - Urinewegen: - Prostaatklachten - Blaasontsteking - Maag- darm aandoeningen: Prikkelbaar Darm Syndroom - Crohn - Colitus Ulcerosa - Voeding: Voeding wat is er mis mee - Melk - Suiker - Aanvulling onvolwaardige voeding - Vitamine supplementen: Voedingssupplementen - Overgewicht: - Overgewicht - SLIM - Oogaandoeningen: - Staar - Slecht ziendheid - Andere artikelen: - HPU - Astma - Multiple Sclerose - Alzheimer - Psoriasis - Depressie - Premenstrueel Syndroom - Orthomoleculaire Geneeskunde
Nova Vitae Plus -

Uw keuze: pilliewillie.nl > candida infectie > oorzaken en gevolgen

Ondersteun mijn werk en plaats een link naar candida.pilliewillie.nl

Copyright © 24 December 2011

Site Map Contact

  • Home
  • Resultaten
  • Forum
  • Online therapeut
  • Gratis informatie
  • Zoeken
  • Contact
  • Over consumptie van suiker
  • Candida veroorzaakt ernstige vermoeidheid